Het online geheugen van Amsterdam

Persoonlijke verhalen verzamelen is “hot”. Het onderwerp kent een ruime belangstelling van archieven, musea, scholen, bibliotheken en heemkundegezelschappen. Alle organisaties doen hun best om de herinneringen van (voormalige) bewoners over hun stad te delen met de rest van de wereld. Mike de Kreek (onderzoeker HvA) vond alleen al over hoofdstad Amsterdam zo’n 30 websites op dit gebied. Afgelopen vrijdag werd over het online geheugen van onze hoofdstad een interessant symposium gehouden bij Floor van de Hogeschool van Amsterdam. De aanleiding was het tien jarig bestaan van twee initiatieven: “Het geheugen van Oost” en “Het geheugen van West“.

De opbrengsten
De cijfers van het aantal herinneringen zijn indrukwekkend. De teller bij het geheugen van Oost staat nu op zo’n 2600 online verhalen die met elkaar verantwoordelijk zijn voor 17.000 reacties. Een groot deel van deze respons bestaat uit mensen die hun eigen belevenissen over het onderwerp eraan toevoegen. De persoonlijke herinneringen over het tijdperk WO II tot de jaren tachtig trekken de meeste bezoekers. Over de inhoud van de verhalen werd echter tijdens het symposium kritische kanttekeningen geplaatst. Zo zouden ze vooral door “gelijkgestemden” geplaatst zijn. Er waren aldus te weinig kritische artikelen op de sites. Daarnaast zouden de verhalen niet serieus genomen worden door wetenschappers.

Succesvol?
Wat bepaalt het succes van een dergelijke verhalensite eigenlijk? De meesten zijn opgericht om herinneringen niet verloren te laten gaan en om lokale binding met huidige (en voormalige?) bewoners te creëren. Paul Knevel wees tijdens zijn presentatie naar onderzoek vanuit de sociale wetenschappen dat aangeeft dat bewoners in een stad minder behoefte zouden hebben aan contact met buurtbewoners. Maar als ik kijk vanuit een historisch perspectief, dan heb ik toch een ander beeld. Amsterdam is altijd de stad van (binnenlandse en buitenlandse) migranten geweest en juist deze groepen streefden naar binding met gelijkgestemden in de stad. Je ziet dan ook vaak dat zij in dezelfde wijken terecht kwamen of elkaar via verenigingen wisten te vinden. Een mooi voorbeeld is de  verzameling van Joodse verhalen.

Persoonlijke verhalen als onderzoeksbron
Net zoals de verschillende bronnen in een archief niet zijn verzameld voor de wetenschappelijk onderzoeker, zo geldt dat ook voor verhalensites. En dat zou ook zo moeten blijven, is mijn mening. Dat er weinig kritische verhalen zijn, vind ik als historicus, geen issue. Er zijn immers genoeg bronnen bij archieven, bibliotheken en de media die wel een tegengeluid kunnen bieden. Het is toch juist de taak van onderzoekers om vanuit een diversiteit aan bronnen een beeld te construeren en het plaatsen in een (historische, sociale, politieke, economische etc) context. Voor onderzoekers kunnen  mensen die hun herinneringen over bepaalde onderwerpen via verhalensites delen interessante contacten zijn. Maar als zij er geen gebruik van maken, waarom is dat dan erg? De website is immers niet opgericht voor dat doel.

Samenwerken
Willen de initiatieven van verhalensites succesvol zijn dan lijkt samenwerken de belangrijkste weg. Het hoeft niet per se te betekenen dat de initiatiefnemers hun eigen identiteit verliezen. Het Historisch Museum van Amsterdam heeft het initiatief genomen om een centrale bindende rol te spelen in de vele projecten om de geheugens in Amsterdam te verenigen. Op de website van het museum wordt bovendien verwezen naar een nieuwe app met persoonlijke verhalen over Amsterdam Oost die tijdens het symposium gelanceerd werd.

Tot slot
De discussies haalden doel, doelgroepen en strategieën vaak door elkaar. Maar dat krijg je als je gaat brainstormen over een onderwerp. Dat gaf ook veel stof tot nadenken en maakte het tot een boeiende en leerzame middag.

Interessant waren ook de publicaties die tijdens het symposium verkrijgbaar waren.

Print Friendly
Share
This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.

4 Responses to Het online geheugen van Amsterdam

  1. Leo Willemse says:

    Wilma, goed stuk!Wou dat ik er bij was geweest-ben èn een oud-bewoner van West (1960-1978), mijn ouders woonden er tot 2003, èn een mislukte historicus. Ben het helemaal met je eens: wat is dat nou -te weinig kritisch?-Wat is daar nu weer wetenschappelijk aan omdat van mensen te eisen.Het lijkt mij dat de wetenschappers juist zelf kritisch moeten kijken naar wat zij eventueel met de door de (oud)bewoners geschreven stukken kunnen doen. Ik kan hier nu ik zie dat er twee boekjes van zijn, ook iets mee voor mijn Boekenblog en Boekenrubriek bij AmsterdamFM.Dus dat is mooi! Hartelijke groet,
    Leo

  2. wilma says:

    Hoi Leo,

    Dank je wel voor je erg leuke reactie. Het was een erg geslaagd symposium met veel stof tot nadenken. Ontzettend leuk dat je er in je interessante boekenrubriek aandacht aan wilt geven. De onderzoeker bij de HVA die er mee bezig heet Mike de Kreek. Wellicht wil hij wel het een en ander komen vertellen over zijn onderzoek in Amsterdam bij de radio? Goed idee in ieder geval. Wat ik heb begrepen is het voor de vele vrijwilligers een behoorlijke tijdsinvestering om de verhalen bij elkaar te krijgen. Ze hebben de aandacht zeker verdiend voor al het goede werk.

    Hartelijke groeten,
    Wilma

  3. Annemarie de Wildt says:

    Mooi verslag. Klein puntje: het Amsterdams Historisch Museum heet tegenwoordig Amsterdam Museum. Dit is de website waarop medewerkers, vrienden en vrijwilligers verhalen plaatsen: http://hart.amsterdammuseum.nl/

  4. Menno Heling says:

    Eens! Maar wel een aanvulling: het onderscheid tussen wetenschappers en buurtbewoners zou moeten worden overbrugd. Inderdaad liepen tijdens het symposium doelgroepen en doelstellingen door elkaar, maar zeker bij doelgroepen geldt steeds meer dat de rol die mensen spelen van belang is. Vandaag ben je hoofdconservator van bv het Amsterdam Museum, maar komend weekend ga je wandelen over het museumplein met je kleinkind. Dus wetenschappers kunnen ook een rol vervullen door actief te participeren op dit soort sites, zeker als het ze interesseert, zoals inderdaad Mike de Kreek doet. Dompel je onder!

    En er is al een site die zowel bottom up werkt als van boven af betekenis (geschiedenis) vormt. Ook journalist van Het Parool Paul Arnoldussen merkt in zijn artikel naar aanleiding van dit symposium op dat de Geheugensites nog te veel op zichzelf staan en te weinig structuur hebben. Die duiding en verbinding met verhaal- en themalijnen kun je wel vinden op het erfgoed- en cultuurplatform http://www.ifthenisnow.nl waar bij voorbeeld een cluster verhalen rond het Shaffy Theater is ontstaan, naar aanleiding van het binnenkort te vieren Shaffy Weekend: http://ifthenisnow.nl/nl/topics/shaffy-theater#dimension-generic

    Zo kun je dus mensen tegenkomen die zich niet bij je in de buurt hoeven te bevinden, maar die wel dezelfde passie of fascinatie met een (historisch) onderwerp delen. Want zo voorkom je dat een site weer op zichzelf komt te staan en alleen het publiek trekt dat in Napoleon geïnteresseerd is…

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>